FAQ

meetlabo antropometrie

De antropometrische testen nemen relatief weinig tijd in beslag en zijn daardoor ideaal voor de opvolging van de evolutie in de lichaamssamenstelling. Jazeker, dat is belangrijk voor topsporters, maar eenieder die voedingsadvies volgt is gebaat bij deze opvolging.

Het vetpercentage wordt gemeten op basis van een impedantiemeting of op basis van huidplooimetingen. Wanneer diezelfde huidplooimetingen worden uitgebreid met metingen van lengte, gewicht, gewrichtsdoorsnedes en spieromtrekken, dan krijgen we zicht op het somatotype of de lichaamsbouw. Het ene vervolledigd dus het andere en door de metingen – onder welke vorm dan ook – periodiek te herhalen, kan zeer accuraat een evolutie in kaart gebracht worden.

In een consultatie voor voedingsadvies is steeds ruimte voorzien voor wegen en meten. Wanneer je het tijdig aangeeft, kan ook een impedantiemeting binnen het bestek van die consultatie worden meegenomen.

Een huidplooimeting en een volledige bepaling van het lichaamstype nemen langer in beslag.  Deze metingen kunnen daarom niet gebeuren binnen het tijdsbestek van een consultatie voor voedingsadvies.

meetlabo fysiologie

Het rustmetabolisme is een maat voor het energieverbruik van een persoon in rust. De meting van het rustmetabolisme is interessant voor iedereen die een voedingsadvies wenst. De voedingsaanbevelingen gebeuren dan op basis van een effectieve meting in plaats van een inschatting.

De vergelijking van het gemeten rustmetabolisme met de theoretische energiebehoefte is bedoeld voor sporters waarvan vermoed kan worden dat ze chronisch een te lage energiebeschikbaarheid hebben in verhouding tot wat ze nodig hebben, en daardoor allerlei lichamelijke en mentale klachten ontwikkelen. We noemen dat het syndroom van een relatief energietekort bij sporters (REDS).

Topsporters hebben zeker baat bij een inspanningstest in ons meetlabo. Ze krijgen daardoor inzicht in hun inspanningsfysiologie en hun voedingsbehoeften. Het is daarnaast onze visie om dezelfde ultramoderne meettechnieken ook beschikbaar te stellen voor recreatieve sporters en personen met een fysiek zwaar beroep.

Het meten van het rustmetabolisme duurt ongeveer 25 minuten. Afhankelijk van het gekozen protocol duurt de inspanningstest ongeveer 1 uur. De critical power-test duurt langer.

De meting van het rustmetabolisme wordt niet beïnvloed door de trainingen van de afgelopen dagen. De dagen voor een inspanningstest train je beter niet te intensief, maar moet je ook niet stilzitten. Actieve recuperatietrainingen zijn aangeraden in de laatste twee tot drie dagen voor de test.

  • Voor een inspanningstest heb je uiteraard je sportkleding Tijdens de inspanning kan je behoorlijk gaan zweten, dus een korte broek en lichte bovenkleding zijn aanbevolen. We vragen nadrukkelijk om twee handdoeken te voorzien. Een daarvan moet dienen om tijdens de test het overtollige zweet af te kunnen vegen.
  • We stellen de labofiets in op jouw maat. Daarom is het belangrijk om de volgende fietsafmetingen mee te brengen: 1) center pedaalas tot bovenkant zadel; 2) center zitzone zadel tot center stuur.
  • Voor de meest gangbare klikpedalen* zorgen wij. Maak je gebruik van een minder gangbaar systeem, dan moet je zelf een setje pedalen meebrengen. Gebruik je geen klikpedalen? Dat is helemaal ok, we voorzien stadsfietspedalen. Vergeet alleszins je fietsschoenen niet mee te brengen. (* shimano spd, shimano spd-sl, look keo classic, wahoo speedplay)
  • Er is geen gelegenheid tot douchen, maar we voorzien wel een aangename waslotion met sterke recovery-ingrediënten.

Doordat we de meest geavanceerde meetmethoden gebruiken, is een lactaatmeting simpelweg overbodig geworden. De atleet is daardoor verlost van de vervelende bloedprikjes en de metingen die we doen zijn juister dan ooit! Kijk, wat we eigenlijk willen weten, is hoe het lichaam metabool reageert op een inspanning met oplopende intensiteit. Die inzichten hebben we nodig om gepersonaliseerd trainingsadvies en – wat fabulou!s uniek maakt – voedingsadvies te geven. Lactaat is een energiebron die in de spiercel ontstaat als nevenproduct van de suikerverbranding. De productie neemt toe naargelang de ademnood. Bij zware inspanning neemt de lactaatproductie sneller toe dan het lichaam het weer kan verbranden, waardoor de concentratie in het bloed stijgt. Samen met de lactaatproductie komt ook het verzurende H+ vrij. Oudere meetmethoden gebruiken de lactaatmeting als hulpmiddeltje om onrechtstreeks in te schatten hoe diep de atleet in de suikerverbranding zit, en hoeveel verzuring er al is opgetreden. Aan die werkwijze zitten echter een aantal beperkingen. Zo gebeurt de meting op bloed en niet in de spiercel. De gemeten lactaatwaarde geeft daardoor nooit een beeld van de geproduceerde hoeveelheid, maar van de balans tussen productie en verbranding. De meting op bloed geeft bovendien een vertraagd zicht op wat er zich in de spier afspeelt. Dat nadeel wordt vaak opgevangen met langere steady state blokken in het testprotocol, maar langere testen zorgen dan weer voor een centrale vermoeidheid die niets met de energievoorziening te maken heeft. Tot slot wordt lactaat maar een paar keer gemeten gedurende de hele test. Het vinden van drempels is daardoor eerder een kwestie van meetpunten te verbinden en daarvan besluiten af te leiden, dan van effectieve metingen op het moment dat de metabole veranderingen plaatsvinden. De moderne meetmethoden vangen al deze nadelen op.

Neen, daarvoor moet je naar de cardioloog. Hoewel we ook hartslag en daarvan afgeleide parameters gebruiken in onze metingen, zijn de testen in het meetlabo niet gericht op een hartonderzoek. Fabulou!s onderscheid zich door de wetenschappelijke inzichten van een inspanningstest te vertalen naar een persoonlijk voedingsadvies.

Neen, daarvoor moet je naar de sportarts. Fabulou!s onderscheid zich door de wetenschappelijke inzichten van een inspanningstest te vertalen naar een persoonlijk voedingsadvies.

begrippen uitgelegd

Om dat uit te leggen, moet je eerst iets leren over hartslagvariabiliteit (HRV). Stel, je hart slaat zestig keer op een minuut. “Zestig keer op zestig seconden, dat is exact één slag per seconde” hoor ik je zeggen. Hoewel die redenering wiskundig erg logisch is, gebeurt het in het menselijk lichaam net iets anders. De ene keer kan er net iets minder dan één seconde tussen twee hartslagen zitten, en de andere keer net iets meer dan één seconde. Er is dus variabiliteit op de tijd tussen twee hartslagen. Wetenschappelijke inzichten richten zich al langer op het gebruik van HRV als parameter voor de algemene gezondheid, het stressniveau en het niveau van herstel na een training. Recent werd ontdekt dat een complex wiskundig model van de patronen in die hartslagvariabiliteit en van hoe die patronen veranderen naargelang de intensiteit van de inspanning toeneemt – dat is de zogenaamde ‘detrended fluctuation analysis aplha 1’ of DFA a1 – een goed inzicht geeft in de aerobe en anaerobe drempels van die inspanning. In rust en bij laag-intensieve inspanningen is er nog een zekere coherentie tussen de patronen, maar die verandert in een wiskundige chaos bij hogere intensiteit. Met name de bepaling van de aerobe drempel is interessant omdat die met andere meettechnieken vaak minder nauwkeurig kan worden vastgelegd. En juist die drempel is voor duuratleten erg belangrijk!

De eerste ventilatoire drempel – het woord ventilatoir verwijst naar je ademhaling – is het moment waarop je lichaam voor het eerst duidelijk laat zien dat de inspanning toeneemt. Je begint dieper te ademen en praten wordt moeilijker. Je lichaam wordt vanaf deze drempel meer afhankelijk van de aerobe verbranding van koolhydraten, en dat is de sleutelzone voor wie slim en efficiënt zijn uithoudingsvermogen wil trainen. Het is de ideale intensiteit voor iedereen die vooruitgang wil boeken zonder overbelasting.

Op de tweede ventilatoire drempel versnelt je ademhaling sterk. Je gaat diep hijgen in een poging om zo veel mogelijk zuurstof op te nemen, al zal je daar bij toenemende intensiteit niet meer in slagen. Dit punt markeert dan ook de overgang tussen je maximaal vol te houden duurtempo en de zware, voornamelijk anaerobe inspanningen. Dit is de zone waar prestaties worden gesmeed en waar je wedstrijd-specifieke belasting ervaart.

De maximale hoeveelheid zuurstof die je lichaam per minuut (en om relatief te kunnen vergelijken ook vaak ook uitgedrukt per kilogram lichaamsgewicht) kan opnemen en gebruiken tijdens intensieve inspanningen is een belangrijke maat voor je aerobe fitheid. Een hoge VO2max betekent dat je hart, longen en spieren efficiënt samenwerken. De parameter is daarmee een sterke voorspeller van je uithoudingsvermogen en sportpotentieel.

FATmax is de inspanningsintensiteit waarbij je lichaam de hoogste hoeveelheid vet per minuut verbrandt. Trainingen aan die intensiteit helpt om het vetmetabolisme te optimaliseren en om het uithoudingsvermogen te vergroten zonder dat de inspanning zwaar hoeft te worden. Zo train je slimmer in plaats van harder, en bereik je hetzelfde effect.

De ‘functional threshold power’ is het hoogste vermogen dat je ongeveer een uur kan volhouden. Het is een tamelijk eenvoudig te meten referentiepunt om je trainingsintensiteit te bepalen en om na een opvolgtest je trainingsvorderingen te meten. Daarmee is de test nuttig voor iedereen die doelgericht wil groeien in zijn prestatie! Je kan deze test zelf uitvoeren op bijvoorbeeld een lange helling, een trainingsroute waar je niet onderbroken wordt door verkeerssituaties of op je rollen, maar als je de test in gestandaardiseerde omstandigheden wilt afleggen, dan kan dat in het meetlabo.

De critical power-test geeft inzage in het vermogen dat over verschillende tijdspannes kan worden volgehouden. Een typisch protocol test naar de capaciteiten van de atleet op drie, vijf en twaalf minuten. Door het gemiddelde vermogen uit te zetten tegen de tijd, wordt het afvlakpunt (CP) en het oppervlak onder de curve (W’) bepaald.

De critical power (CP) is een nauwkeurige indicatie van het hoogste constante vermogen dat over langere duur kan worden volgehouden zonder fysiologische vermoeidheid. De waarde is dus gerelateerd aan het aërobe vermogen. De CP-waarde is betrouwbaarder dan de FTP-waarde. 

Work prime (W’) zegt iets over de energiereserve die beschikbaar is om “over de toeren” te gaan. Deze waarde is gerelateerd aan de anaërobe energievoorziening en aan de tolerantie voor verzuring.

betalingsvoorwaarden

De consultaties worden afgerekend via Payconiq.

Consultaties die niet tijdig (48u op voorhand) worden omgeboekt, zullen aangerekend worden.

Neen. De adviezen zijn gericht aan een individu, en het betalingsverzoek dus ook. We kunnen wél voorzien in een betalingsbewijs, waarna je zelf de regelingen met de federatie kan treffen.